
In geschiedenishandboeken van meer dan 30 jaar oud spreekt men over de plotselinge val van het Romeinse Rijk. Alsof we in één klap van een hoogbeschaafde cultuur de Duistere Middeleeuwen inlazerden. Eigentijdse historici denken daar anders over. De overgang van ‘Het Romeinse Rijk’ naar ‘De Middeleeuwen’ noemt men nu een eeuwendurende transformatie. Religie, taal en rechtspraak overleefden de langzame val van het Romeinse Rijk tot aan het heden. Karel de Grote noemde zich keizer, Otto I ook, Constantinopel had zelfs tot 1453 een Romeinse keizer. Napoleon werd in 1804 tot keizer gekroond en de betekenis van het Russische tsaar is keizer. Die laatste stierf in 1917. Hoezo plotselinge val? In 476 werd de laatste West-Romeinse keizer naar huis gestuurd. Als je alleen dát feit kunt reproduceren, heb je weinig geleerd. Zoals Maxima ongetwijfeld goed in de oren zal klinken: dé val van het Romeinse Rijk heeft nooit plaatsgevonden. Er is sprake van talloze valletjes en dan werd er ergens anders weer opgekrabbeld. Zo vaak dat er van één keerpunt, op één plaats, op één tijd, geen sprake is.
Hét keerpunt
Ieder begrip, waar je meer dan oppervlakkige kennis van hebt, is niet in één woord te vangen. Dé geschiedenis, dé mens, dé Nederlander, dé Tweede Oorlog, hét keerpunt. Taal creëert de werkelijkheid en ieder mens heeft een voorstelling van wat begrippen ongeveer betekenen. Maar een complex begrip vatten in één enkel woord? Dat kan niet. Dat wisten de Oude Grieken al en vergeten wij nog steeds. Dé val van het Romeinse Rijk heeft niet plaatsgevonden, maar wat bijvoorbeeld te denken van dé Franse Revolutie? Ook die gebeurtenis is niet vast te pinnen op een enkele datum. Het Ancien Régime begon al in 1750 uit elkaar te brokkelen. En wanneer was de revolutie eigenlijk afgelopen? Bij de dood van Robespierre in 1794? Nadat Napoleon de macht overnam in 1804? Of pas op 9-11-1989? Die laatste datum klinkt ons Bataafse deltabewoners wellicht vreemd in de oren, maar is voor een Franstalige historicus toch echt het enige logische en juiste antwoord.
Klassiek onderwijs
Met het nuanceren van begrippen en keerpunten kun je tot in het oneindige doorgaan. Was de slag om Stalingrad in februari 1943 echt het beslissende keerpunt in de Tweede Wereldoorlog of stond de uitkomst van de oorlog al twee decennia eerder vast? In 1924 ontvouwde ene A. Hitler namelijk zijn ambitieuze ‘Lebensraum visie’ in een warrig boekje genaamd ‘Mein Kampf’. Nog een keerpunt. De 19e eeuw zou de eeuw van de Industriële Revolutie zijn geweest. Maar alle belangrijke uitvindingen waren al in de 18e eeuw gedaan. En waarom leefde het merendeel van de Europeanen in 1900 dan nog als boer? Kortom: zonder relativering en duiding verliezen losstaande keerpunten hun betekenis. Het doet me denken aan mijn oude geschiedenisleraar, ergens in de jaren ’90. Hij hield een toespraak bij onze diploma-uitreiking. Zijn punt: het was bijzonder slecht gesteld met het onderwijsniveau. De babyboomgeneratie in de zaal – onze ouders- knikte instemmend. Zij hadden tenminste nog klassiek onderwijs genoten! Ouderwets stampwerk! De leraar wist de stemming onder de ouders aanzienlijk te verhogen door iedere keer een nieuwe datum te noemen. De meute brulde daarna telkens als één man het juiste antwoord. ‘1600?’ ‘Slag bij Nieuwpoort!’
Daarna vroeg de leraar wat de slag bij Nieuwpoort nu betekende voor het verdere strijdverloop. Er volgde een aangename stilte.
|